Gesprek met Maarten, coördinator van werkgroep Groen

Door Tinne en Maarten

Omdat het fijn is om ervaringen te delen en elkaar nog wat beter te leren kennen, maakten we even tijd voor een tof gesprek met Maarten, de coördinator van de werkgroep Groen. Je kan het interview hier online bekijken.

Maarten, fijn dat je een beetje tijd wou vrijmaken deze avond. Het is een warme, zonnige dag, dus misschien wel een goed moment om de schaduw op te zoeken en een beetje meer te vertellen over jezelf en over het werk dat je doet als coördinator van de werkgroep Groen.

Ja, ik ben dus Maarten. Ik ben ondertussen al een aantal jaren actief op de TintelTuin. En ik ben ook de man van Annelies, lid van werkgroep Instroom en klasouder van de kleuterklas bij Sara. Inderdaad, de koelte opzoeken, dat is een goede actie met dit hete weer. En dat is eigenlijk iets wat we op de speelplaats ook proberen te doen met aanplantprojecten. Dat zegt ook iets over mijn professionele job; ik werk voor Regionaal Landschap Zuid-Hageland. Heel wat TintelTuinouders hebben hier al projecten mee gelopen, soms met mij, soms met collega’s. Wij ondersteunen particulieren en gemeentebesturen met projecten bijvoorbeeld rond het aanplanten van schaduwbomen of hoogstamfruit of het aanleggen van een poel. Wij geven ook cursussen. Wij zijn met allerlei dingen bezig, als het maar met landschap te maken heeft. Daarnaast ben ik voorzitter vzw Den Dolaard. Onze uitvalsbasis is een ezelboerderij achter Het Vinne. Daar zijn ook al heel wat TintelTuinouders gepasseerd. Wij bieden korte wandelingen met ezels tot meerdaagse ezelwandelingen in de Getevallei aan. En ook daar werken we samen met Regionaal Landschap.

Mijn oudste zoon, Giel, zat al een jaar of twee op de TintelTuin vooraleer ik actief geworden ben. Het was David, één van onze vorige voorzitters van de vzw, die toen mijn buurman was, en mij de oren van mijn hoofd gezaagd heeft om coördinator Groen te worden. Maar ik had geen idee wat dat inhield en ik had al genoeg te doen, dus ik hield de boot wat af. Ondertussen doe ik dat toch al wel een aantal jaren. De eerste twee jaar heb ik dat gecombineerd met de coördinatie van de klusploeg. Dat was een heel gezellige boel, maar er kroop veel tijd in.  Toen heb ik de fakkel van Klus doorgegeven en nu sinds een paar jaar dus coördinator van het groenproject.

Het groenproject; wat houdt dit precies in? Wat doet de werkgroep Groen zoal?

Dat is nu meer en meer onderhoud geworden van het schooldomein, maar ettelijke jaren geleden hadden we in samenwerking met de werkgroepen Klus en Infrastructuur een project ingediend en hadden we subsidies binnen gehaald via de provincie om de speelplaats verder te gaan vergroenen. Zo hebben we het achterste gedeelte van de verharding opgebroken en daar aarde en gras ingezaaid, de speelheuvels aangelegd met die touwbrug erover. Dat was een redelijke omvorming waar wel wat tijd naartoe ging. Dat gaat van het bij elkaar schrijven van zo’n dossier, het overleggen met de collega’s van Infrastructuur en Klus, het schoolteam, ook de leerlingen waren daarbij betrokken, het maken van een raming en het indienen. Als dat dan goedgekeurd wordt, zoek je een aannemer of materialen, want stukken kan je zelf doen met de werkgroepen en een gedeelte hebben wij uitbesteed.

Dat is toch wel een aanzienlijk project geweest dan?

Dat kan inderdaad met periodes veel tijd vragen, dus dan is het slim om wat dingen uit te besteden aan anderen en te delegeren.

Zie jij het als de kerntaak van de coördinator om het overzicht te houden en dingen uit te besteden of ‘binnenshuis’ te houden en mensen op de juiste plekjes te brengen?

Ja, en ik vind het heel tof om deel te kunnen uitmaken van zo’n project. Het gaat uiteindelijk toch allemaal over onze kinderen aan wie dat ten goede komt. Daarnaast ook wel meewerken aan duurzaamheidsprincipes en aanpassingen aan de klimaatverandering, met kleine beetjes; schaduwbomen, verkoeling brengen, verharding opbreken, een regenwaterton installeren. Dus je werkt aan allerlei goede doelen mee. En het is tof om van een groter geheel deel uit te maken en daar erkenning voor te krijgen. Je hoeft niet van alles perfect op de hoogte te zijn. Er zijn genoeg andere mensen waarmee je kan overleggen en die oplossingen kunnen aandragen. Dat is eigenlijk ook mijn advies voor mensen die een coördinatorschap overwegen; je weet op voorhand moeilijk waar je aan begint, maar je kan altijd vragen stellen aan de ‘anciens’ of andere mensen die willen bijspringen.

Je hoeft dus als coördinator niet zelf alle taken op te pakken, maar eerder het overzicht houden en proberen de juiste mensen mee achter het project te krijgen?

Ja. Het is natuurlijk ook belangrijk om je grenzen wat te bewaken. Ik vind dat zelf niet zo gemakkelijk. Dikwijls denk je: “ik doe dat snel zelf.” Veel mensen zullen dit misschien herkennen. Maar dikwijls hebben zich ook mensen aangeboden om bijvoorbeeld mee te helpen aan het zomeronderhoud; het wieden en het water geven aan de vers geplante planten. Of een deelprojectje; iemand werpt zich bijvoorbeeld op om prijzen op te vragen of telefoons te doen. Je kan allerlei taken verdelen. Zo moet er een lijst afgetekend worden zodat iedereen verzekeringstechnisch in orde is op de werkdagen; dat kan eender wie op zich nemen uiteindelijk.

Met hoeveel mensen zitten jullie nu in de werkgroep Groen?
Die is de laatste jaren tussen de 8 à 15 mensen groot. Op de werkdagen zijn er meestal 8 à 10 ‘kernleden’ zal ik ze noemen. We werken in de werkgroep Groen ook vaak met halve dagen. Maart, april, mei, juni zijn de hoogdagen voor de tuin. Dan moet je er al eens vaker passeren, maar het is moeilijk om dan hele dagen daarvoor te reserveren.

Er is een mogelijke valkuil als je coördinatie doet. Om de twee maanden ben je daar een werkdag mee bezig qua voorbereiding, maar daarnaast ben je er zelf ook nog wel een hele dag op de groendag. Dus het is wel in de gaten te houden hoeveel tijd je erin stopt en hoe je de sturing doet. Maar je kan de taken altijd verdelen.

Een belangrijke tip dus om de balans in evenwicht te houden. Jullie hebben met de werkgroep Groen al heel wat projecten gerealiseerd in de TintelTuin. Uit welke realisatie haal jij persoonlijk de meeste voldoening?

Eigenlijk zijn het allemaal wel dingen die op gelijke lijn zitten. Maar de speelplaats opbreken en die speelheuvels leggen op de speelplaats van je zonen… Ja, dat is toch tof!

Wat ik ook wel leuk vind, is dat ik mijn professioneel netwerk kan aanspreken. Toen de nieuwbouw van Ravelijn achter de Tinteltuin gebouwd werd, twee jaar geleden, was iedereen bang dat de houtkant vanachter aan de zandbak met de boomhut zou gaan verdwijnen. Als je dan de mensen kent en je kan ze gaan aanspreken en je kan die houtkant behouden, dan is dat toch wel tof eigenlijk.

Het is dus wel fijn als je professionele leven en je engagement voor de TintelTuin elkaar kunnen bestuiven?

Ja. Maar het kan ook wel zuur zijn. Zo was er een paar jaar geleden de kap van de Tintelwilg; de grote wilg, dé boom van de school. Het is me niet gelukt om die kap tegen te houden. Nochtans hadden we alternatieven voorgesteld aan de projectontwikkelaar en de stad. Dat is jammer.

Maar ondertussen zijn er heel wat bomen bij gekomen. We proberen er wel rekening mee te houden dat we niet al te dicht bij het gebouw grote investeringen doen zodat als het op een dag gesloopt zou worden onze investering niet voor niets geweest is.

Heb je een idee hoeveel nieuwe bomen er al geplant zijn op die tijd dat jij actief bent in de werkgroep Groen?

Deze winter waren dat er een stuk of 11 van groot formaat. Maar in het verleden is er achterin nog het hagendoolhof aangelegd. Dat hebben we gedaan met ploegen uit de sociale economie. Dat is de sector waar ik voorheen in werkte; werknemers die al doende een job komen leren. Dat zijn dan vooral struiken of bomen die geschoren en klein gehouden worden. Dat kunnen er wel honderden zijn. De talud achteraan het afdak hebben we vol geplant en ook de voortuin.

Eigenlijk staat er ook nog een project in de steigers waar al twee of drie jaar over geschreven en verteld wordt; dat is het nieuwe circulatieplan om de verkeersveiligheid rond de school te vergroten. Daarin wachten we op een fiat van de stad Zoutleeuw om in te dienen, normaal dit najaar, bij de provincie zodat we wat centen krijgen om de nieuwe ingangen aan te leggen, de nieuwe entree naar het secretariaat te installeren, de containers van de Tintelstroom die gaan verdwijnen, wat op te smukken, misschien wat hagen bij te planten. De school heet De TintelTuin, dan moeten we toch zorgen dat we een fatsoenlijke entree hebben.

Dank je wel, Maarten, om tijd vrij te maken voor dit gesprekje. Misschien nog een afsluiter? Jij kent elk hoekje van de tuin van de TintelTuin; is er 1 plant, struik, boom, stukje groen dat jouw lievelingsplekje is?

Euhm… dat is lastig. Het is allemaal nog klein. Ik denk dat het er binnen een paar jaar helemaal anders gaat uitzien. Het heeft allemaal nog meer tijd nodig. Een lievelingsboom heb ik niet direct. Al zou ik wel zeggen dat ik goed in de gaten hou of de notenboom achteraan op de speelplaats, die we daar jaren geleden geplant hebben, goed groeit of niet.

Die staat daar inderdaad erg mooi! Dank je wel, Maarten. Dan is het nu tijd om nog een beetje te genieten van de warmte in de avondzon.

* Dit TintelBlad werd opgeluisterd door het resultaat van al dat harde werk en het werk van moedernatuur.

Recommended Posts
Contacteer ons

Not readable? Change text. captcha txt

Start typing and press Enter to search